Onze waardering:
Waardering 5 van 5

Odd Arne Westad | De Naderende Storm

Odd Arne Westad (Ålesund, 1960), studeerde geschiedenis, filosofie en moderne talen aan de universiteit van Oslo, en is gespecialiseerd in moderne en wereldgeschiedenis, met name de geschiedenis van Oost-Azië sinds de 18e eeuw. Hij spreekt en schrijft in het Noors, Engels, Frans, Duits, Mandarijn (Chinees) en Russisch. Aansluitend volgde hij een masteropleiding in Amerikaanse/Internationale geschiedenis aan de universiteit van North Carolina. In het begin van zijn carrière hield hij zich vooral bezig met de geschiedenis van de Koude Oorlog, de Chinees-Russische betrekkingen en de geschiedenis van de Chinese burgeroorlog en de Chinese Communistische partij. Tegenwoordig is hij voornamelijk geïnteresseerd in onderzoek naar de geschiedenis van rijken en imperialisme, in de eerste plaats in Azië, maar ook wereldwijd. Hij was o.a. verbonden aan de London School of Economics en Harvard University. Sinds 5 jaar is hij aan Yale University Elihu professor Geschiedenis en Mondiale Zaken. Van zijn hand verschenen 17 boeken.

 

 Titel                     : De Naderende Storm.  Subtitel               : Macht, Conflict en Lessen Uit      De Geschiedenis.                                      Oorspronkelijke Titel : The Coming Storm              Power, Conflict and Warnings from History  Auteur                 : Odd Arne Westad.        Vertaler              : Jan Wynsen                      Uitgever              : Nieuwezijds.                Uitvoering          : Paperback                              Eerste Druk        : 18 maart 2026                Pagina’s              : 239                                    Waarvan             : 20 pagina’s noten                            Prijs                      : 25,9

De Naderende Storm is een uitstekend boek om de onrust van ons tijdgewricht en de geopolitieke uitdagingen waar regeringen een antwoord op dienen te vinden, te duiden en in historisch perspectief te plaatsen. De vergelijkingen met de aanloop naar de Eerste Wereldoorlog zijn – 112 jaar later, nog steeds actueel, ondanks de enorme vooruitgang op technologisch gebied. Juist die snelheid van de technologische ontwikkelingen vormt een groot gevaar en vraagt om weloverwogen beslissingen en geduld om een menselijke en materiële ramp te voorkomen. Met een satelliet blik beschouwt OAW de wereld, anno 2026, te beginnen bij het monument van Thiepval.

   

De Eerste Wereldoorlog 

Hoewel de verwoestingen en het aantal slachtoffers van de Tweede Oorlog nog bij veel mensen emoties oproept, geld dat nauwelijks meer voor de Eerste Wereldoorlog. En dat terwijl het aantal slachtoffers en de verschrikkingen die van de Tweede Wereldoorlog ver te boven gaan. Alleen al in het jaar In 1916 vielen er meer slachtoffers dan in de gehele periode van 1815 tot 1914. “Tegenwoordig heeft minder dan een half procent van de wereldbevolking ooit een oorlog tussen de grootmachten meegemaakt.” Maar belangrijker is, dat in het vredesverdrag van de Eerste Wereldoorlog al de kiem werd gelegd voor de Tweede Wereldoorlog. Of zoals OAW in zijn conclusie schrijft: “Zo leidde de Eerste Wereldoorlog direct tot de Tweede Wereldoorlog, vooral in de geest van degenen die de Eerste Wereldoorlog hadden verloren.”

Voorafgaand aan deze oorlog voerden wantrouwen en angst de boventoon en leidde de tweeslachtige houding van de Britten tot een gebrek aan duidelijkheid bij de belangrijkste hoofdrolspelers. Duitsland, in de persoon van keizer Wilhelm II wilde eigenlijk geen oorlog. Nadat Servië akkoord was gegaan met de meeste eisen van de Oostenrijkers, had de keizer kort daarvoor al enkele verzoenende gebaren gemaakt “De meest vernederende overgave [van Servië] is hiermee afgekondigd”, verklaarde hij, “en als gevolg daarvan is elke reden tot oorlog verdwenen.” Maar Duitse functionarissen die zich inmiddels opmaakten om de Russen op de Balkan een nederlaag toe te brengen en zo mogelijk een echte oorlog tussen Duitsland en Rusland te provoceren, zorgden ervoor dat het nieuws over de ommezwaai van de Kaiser, de hoofdstad te laat zou bereiken om de Oostenrijkse oorlogsverklaring voor te zijn.”

 

Oorzaken van oorlog

Voor het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog worden 3 belangrijke oorzaken genoemd: Onrust in eigen land, het verlies van macht van de elites aan de opkomst van de arbeidersbeweging, in de vorm van de internationale socialistische beweging en de betrouwbaarheid van de bestaande bondgenootschappen.  

Beeldvorming, manipulatie, angst en brutaliteit gaan ten koste van de feiten. Zoals OAW helder aantoont in de aanloop naar de Eerste Wereldoorlog, zien we dit probleem ook in de huidige tijd. Vaak komen oorlogen voort uit acute crisis waarin reeds bestaande angsten, wereldbeelden en strategieën door beeldvorming worden versterkt. “Tegenwoordig is de noodzaak van wederzijds respect bijzonder belangrijk, want we leven in een tijd waarin alles wat leiders in het openbaar (en ook vaak binnenkamers) verklaren, meteen door binnen- en buitenlandse media wordt gemeld, waardoor het gemakkelijker wordt om retoriek serieuzer te nemen dan gezond verstand. In tijden van crisis fungeert het overbrengen van een vorm van basisrespect voor de ander (de vertegenwoordiger van een grootmacht) vaak als buffer, ook al wordt dat gedaan terwijl er zorgen en frustraties worden uitgesproken.”  

Vervang de woorden beeldvorming, manipulatie, angst en brutaliteit door Amerikaanse regering/Rusland, Amerikaanse regering/Rusland, Europa en China en je krijgt een redelijk beeld van de wereld nu.

Rob de Wijk geeft in zijn laatste boek Amerika en Wij terecht een sneer richting een deel van de journalistiek, de vierde macht. Zoals ik al schreef in de bespreking van zijn boek: Bespreek de politiek niet langer als een wedstrijd (met constante verwijzing naar de peilingen), maar focus op de inhoud en de brede context. En als je al vindt dat verkiezingen een spelelement in zich hebben, zorg dan dat je als arbiter de inhoud kent en iemand het woord ontneemt bij onjuiste feiten, leugens en onfatsoen. (https://vrijegedachten.eu/amerika-en-wij/). Dit geld natuurlijk ook voor de buitenlandpolitiek.

 

Bestaande en sluimerende brandhaarden

OAW benoemt de belangrijkste oorlogen en conflicthaarden, vooral de eerste verschijnen met grote regelmaat in het nieuws. Hij gaat uitgebreid in op de situatie en gevaren in deze gebieden, waarvan de bekendste zijn: Rusland vs. Oekraïne/Kaukasus/Europa en China vs. Taiwan. Latent Noord-Korea vs. Zuid-Korea en China vs. India. Duidelijk wordt ook hier hoezeer beslissingen tot stand komen op basis van schuivende machtsbelangen en niet op rationele gronden. Nieuwe coalities en/of bondgenootschappen lijken vooral ingegeven te zijn door opportunisme. Het meest sprekende voorbeeld is de vriendschap tussen China en Rusland, waartoe Rusland is genoodzaakt en waarvan China dankbaar gebruik maakt en er economisch voordeel uithaalt.  

 

Hartverwarmend is zijn aandacht voor de Palestijnen en de Koerden, waarbij de laatsten vooral (mis-) bruikt worden om mee te vechten aan de “goede” kant en achteloos worden genegeerd als de strijd voorbij is. OAW: “De aanwezigheid van twee stateloze volken binnen een toch al zo onrustige regio is een recept voor rampspoed, zoals het Midden-Oosten al keer op keer heeft laten zien. […] De gevolgen van het afvuren van raketten op Israël door Iran en zijn bondgenoten als reactie op de verwoesting van Gaza door Israël en aanvallen van dat land op Iran, Libanon en Syrië zijn op de eerste plaats verschrikkelijk voor de mensen op wie deze aanvallen zijn gericht. […] Maar vroeg of laat zullen deze grove schendingen van het internationaal recht ook een crisis tussen grootmachten kunnen uitlokken en de hele regio kunnen doen ontbranden.” Er wordt formeel door de politiek op de zaak van de Palestijnen gereageerd, de enige bijval komt van bezorgde burgers die de politiek proberen te alarmeren, met als bekendste voorbeeld De Rode Lijn-demonstraties van afgelopen jaar. 

 

Zijn oorlogen te vermijden

OAW stelt: “… we moeten ook stilstaan bij de vraag of er misschien omstandigheden zijn waarin een oorlog van welke aard dan ook gerechtvaardigd zou zijn. Het meest duidelijke voorbeeld is natuurlijk de situatie waarin een land zich tegen een directe aanval moet verdedigen, zoals in het geval van Oekraïne. Een andere situatie zou een oorlog zijn om machtsuitbreiding van een genocidaal regime tot stand te brengen of zelfs een interventie tegen zo’n regime, om de bevolking die het terroriseert te kunnen beschermen. Het zijn beide situaties waarin het uitbreken van oorlog waarschijnlijk of zelfs gewenst is.” Nuanceringen volgen, en als het gaat om afschrikking, zien we gelijk weer een actueel voorbeeld. Als de Britten zich expliciet hadden uitgesproken zich bij de tegenstanders van de Duitsers aan te sluiten zou Duitsland waarschijnlijk minder geneigd zijn de oorlog aan Rusland en Frankrijk te verklaren. De 47e president van de VS stelt voortdurend zijn steun als belangrijkste lid van de NAVO ter sprake. Hetzelfde geld voor de positie van Taiwan, zoals afgelopen week is gebleken.  

 

Diplomatie

Ter voorkoming van oorlog geeft OAW een aantal aanbevelingen om dit proces te ondersteunen:

  Het sluiten van op zijn minst tijdelijke compromissen van conflicten om territoriale soevereiniteit;

  Het beëindigen van slepende oorlogen zoals in Oekraïne en Palestina;

  Voorkomen van importheffingen en embargo’s die de wereldhandel ondermijnen; 

  Beperking van de wapenwedloop op het gebied van gevoelige technologieën;

  Samenwerking op het gebied klimaatverandering, pandemieën en ruimteonderzoek;

En nog veel meer, samenwerking in plaats van strijd ondersteunt het bouwen van vertrouwen, maar zoals OAW stelt, bewegen we ons eerder in tegengestelde richting.

 

De huidige situatie vraagt weliswaar om aanpassingen die de huidige machtsbalans meer recht doen, te beginnen met de Veiligheidsraad. Zo niet, dan zal de ontwikkeling van een alternatief helpen, waarin naast Europa, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland, ook Japan, Zuid-Korea, India en Brazilië deelnemen. Europa zou hier een nu een voortrekkersrol in kunnen spelen, maar dan zal het wel de zijde van recht en rechtvaardigheid moeten kiezen.

 

Het is wrang te zien dat de leider van het machtigste land de belangrijkste verstoorder is van vrede, rust en stabiliteit, het internationaal recht begraaft en de instituties afbreekt, waarvan het zelf aan de basis stond en die een stabiliserende rol hebben gespeeld na de 1945. Fareed Zakaria schreef in zijn boek De Wereld Na Amerika (2008), dat Amerika waarschijnlijk 2% per jaar van zijn macht zal inleveren. Onder de huidige 47e president van Amerika zal zich dat waarschijnlijk alleen maar versnellen. 

 

In de bespreking van het boek Rien R.T. Segers, twee maanden geleden, refereerde ik aan zijn stelling dat diplomatie de enige uitweg kan zijn om oorlogen te voorkomen. (zie https://vrijegedachten .eu.taiwan/). We weten dat het einde van een oorlog of het tot stand komen van een wapenstilstand aan de onderhandelingstafel plaats vindt. Laten we het omdraaien. Er zijn altijd oorlogen geweest en die zullen er altijd blijven. Maar de mens heeft de plicht alles te doen om oorlog te voorkomen, een verfijnd netwerk van diplomaten met kennis van de (lokale) geschiedenis en empathie, die met elkaar in gesprek blijven, is daarvoor een basisvoorwaarde. Haal een paar promille van je defensiebudget af en besteed dat internationale betrekkingen en investeer in professioneel diplomaten netwerk. 

 

Conclusie

Zoals OAW al in zijn inleiding schrijft: “In al zijn aspecten is oorlog iets afgrijselijks. Maar oorlogen tussen grootmachten zijn vanwege hun intensiteit en enorme schaal, de wapens die erin worden gebruikt en de neiging van zulke oorlogen om zich uit te breiden nòg verwoestender dan elk ander conflict. Om later te vervolgen: Als de geschiedenis ons iets leert, dan is het dat het nu tijd is om die lessen ter harte te nemen, zodat we niet opnieuw belanden in een oorlog tussen grootmachten die het gevolg is van die fatale combinatie van overtrokken nationalisme, angst, fatalisme en pure stupiditeit die tot de eerste grote oorlog van de twintigste eeuw leidde.”

 

Dit boek laat zien hoe conflicten met elkaar zijn verweven en hoe de spelers aan het geopolitieke schaakspel op elkaar reageren. Waarbij één koning roekeloos en onnavolgbaar speelt en de andere koning weliswaar slim denkt te zijn, maar zijn hand vroeg of laat dreigt te overspelen. Het is interessant te zien dat 2 recente boeken over internationale conflicten het belang van diplomatie benadrukken als belangrijke optie oorlog zo veel mogelijk te voorkomen.

 

“Diplomaten, politici, deskundigen en opiniemakers hebben allemaal een verantwoordelijkheid om de destabiliserende effecten van machtsverschuivingen in de hand te houden. Volgens mij begint diplomatie met nederigheid – op de eerste plaats ten aanzien van de ontwrichtende krachten van angst en afgunst. […] Nederigheid en gevoeligheid zijn geen garantie voor het bereiken van vrede. Maar zijn cruciaal om misrekeningen te voorkomen, argwaan weg te nemen en zo de kans op diplomatiek succes te optimaliseren.”

 

Graag verwijs ik nog een keer naar het boek van Jonathan Holslag | Vrede en Oorlog (2018), een Wereldgeschiedenis (2018) en herhaal bovenstaand nog eens zijn stelling, een betere formulering heb ik nog niet gelezen. Laat dit voor ons een leidraad zijn. De EU zou op de midden lange termijn hier een belangrijke rol kunnen spelen. Het zou recht doen aan haar geschiedenis van de laatste 80 jaar, en Europa zou als het derde economische machtsblok een neutrale positie kunnen innemen, waarvan de invloed op een positieve manier kan toenemen. 

Bovenstaand een eenvoudige tabel met een overzicht van kerngetallen van de belangrijkste spelers. Lees dit boek en je hebt een bijzonder actueel beeld hoe de machtigste landen zich tot elkaar verhouden. In tegenstelling tot de titel is dit een boek van hoop, door het brede perspectief zie je ook mogelijkheden. Het is helder geschreven en raakt aan de essentie van ons verbindt of verdeeld. Wat zijn de uitdagingen en waarom neemt de druk op democratie toe, met ander woorden: Wat op het spel staat! (Zoals de titel luidt van het boek (2017) van de Duitse historicus Philipp Blom.) 

 

 Frans Gzella, Vrije Gedachten, Zeeland, 01 juni 2026.

De Naderende Storm