Johan de Boose | Joegoslavië
Johan de Boose (Gent, 1962), is een Nederlandstalige Belgische schrijver, dichter, toneelauteur en essayist. Hij studeerde Slavische talen en Oost-Europakunde aan de universiteit van Gent. Ook presenteerde hij programma’s voor de Vlaamse Radio en Televisie Omroep VRT. Hij publiceerde diverse artikelen, maar sinds 2003 wijdt hij zich aan het schrijven van poëzie, literaire fictie en non-fictie, in het bijzonder over zijn reizen in Oost-Europa. Dit is zijn 21epublicatie in een reeks van 5 non-fictieboeken, 7 romans, 2 vertalingen uit het Pools, 5 poëziebundels, verhalen en een graphic novel samen met de Belgische striptekenaar Caryl Strzelecki. In 1991 verscheen zijn eerste boek Het Circus Van De Dood, uit het Pools vertaalde essays van Tadeusz Kantor.
Titel:
Subtitel: Auteur :
Uitgever :
Uitvoering :
Eerste Druk: Pagina’s: Waarvan: Prijs:
Joegoslavië, Kroniek Van Zes of Zeven Landen Johan de Boose De Bezige Bij Hardcover 2 oktober 2025 672 geïllustreerd 52 pagina’s noten € 39,99
Nederlands Trauma
Sarajevo en Srebrenica zijn namen van plaatsen die ons nog steeds achtervolgen. Sterker nog: ze hebben veel Nederlandse soldaten die destijds deel uitmaakten van de zogenaamde VN-vredesmissie een levenslang trauma bezorgd. Het is alweer zo’n dertig jaar geleden, maar velen zullen zich de schokkende beelden op televisie nog voor de geest kunnen halen: commandant Karremans die door de aanvoerder van de Servische troepen Mladic tot op het bot werd vernederd. “Wat voor commandant ben jij? Jij bent een stuk stront. Ik ben hier God.” Kon Karremans het drama dat zich afspeelde in Srebrenica nog navertellen, dat gold niet voor de duizenden Bosnische vluchtelingen die hun toevlucht hadden gezocht bij de VN. Tevergeefs, de blauwhelmen leverden ze aan de Serviërs uit waarna de mannen als onderdeel van de etnische zuiveringen werden afgeslacht.
Wat een magnifiek werk is het geworden! Het voldoet aan alle eisen die je aan een boek mag stellen. Met zijn auto trekt hij alle landen van het voormalige Joegoslavië door. Hij begint in Noord-Macedonië om uiteindelijk via onder meer Kosovo, Servië, Kroatië en Slovenië in Bosnië en Herzegovina te eindigen. Hij beschrijft zijn indrukken van het land en doet verslag van de gesprekken die hij dankzij zijn kennis van de Slavische talen met de bewoners kan voeren. Alsof je naast hem in de auto zit, onderweg de vaak fraaie landschappen aan je neus ziet voorbijtrekken en tegelijkertijd geniet van de verhalen over de tragische, maar ook zo boeiende geschiedenis van het land.
Heeft er ooit één land bestaan?
Het voormalige Joegoslavië is in 1918 ontstaan als koninkrijk, bedoeld als nationale staat, maar was in wezen niet anders dan een kopie van de veelvolkerenstaat waaruit ze grotendeels voortkwam, namelijk de Donaumonarchie. In beide rijken woonden veel verschillende volkeren die beperkt zelfbestuur genoten en een vorst als gemeenschappelijk leider kenden. Het verschil was dat het in Joegoslavië de Serven waren die de kern van het koninkrijk vormden, terwijl in de Donaumonarchie de Oostenrijkers en de Hongaren de lakens uitdeelden. Om kort te gaan, Joegoslavië was van het begin af aan tot op het bot verdeeld. Niet alleen in vredestijd, maar ook in tijden van oorlog, zoals in 1941 bleek toen Duitsland het land binnenviel en de partizanen van Tito het niet alleen moesten opnemen tegen de Duitse bezetters, maar tevens strijd moesten voeren tegen de extreemrechtse Kroatische Ustasja als tegen de Servische Czetniks. Hardnekkige mythes over de heldhaftige Czetniks zijn dan ook volgens De Boose regelrechte onzin. Hetzelfde geldt voor het nog steeds in Servië gangbare beeld dat de Kroaten in meerderheid collaboreerden met de Nazi’s. Propaganda die verdacht veel lijkt op het beeld dat het Kremlin van de Oekraïners schetst.
Schijnbare rust onder Tito, implosie na zijn dood
In 1945 zette Tito de verschillende volken in een ijzeren kooi om op die manier de volken tot eenheid te dwingen. Om ze met elkaar te verbinden werd een weg van bijna twaalfhonderd kilometer aangelegd, de zogenaamde ‘Snelweg van Broederschap en Eenheid’. Er bestonden geen Slovenen of Kroaten meer, Tito kende slechts Joegoslaven. Omdat Tito in 1948 brak met Stalin, kon hij in het westen op de nodige sympathie rekenen. Er was echter weinig oog voor de dictator, die net als Ceausescu in Roemenië in wreedheid weinig onderdeed voor Stalin.
Na Tito’s dood implodeerde de kunstmatige en van bovenaf opgelegde staat. De verschillen tussen de bevolkingsgroepen waren groot gebleven. Jarenlang ingehouden frustraties leidden in de jaren negentig tot orgies van geweld en regelrechte oorlogen tussen Kroaten, Serviërs en Bosnische moslims, in vrijwel alle gevallen georganiseerd door machtsbeluste leiders die hun aanhang opriepen tot etnische zuiveringen.
In het westen drongen de verschrikkingen in het land door via de pers, maar vooral door de beelden die we bijna dagelijks op tv zagen. Toch deden de westerse landen in het begin maar weinig om het oorlogsgeweld te stoppen. Pas toen het Servische leger het populaire vakantieoord Dubrovnik vernietigde, werd Kroatië, dat zich net als Slovenië in 1991 had afgescheiden, als zelfstandige staat erkend.
De rest van het verhaal is bekend. Joegoslavië viel uiteen in verschillende landen die nog steeds op gespannen voet met elkaar staan, zoals Servië en Kosovo. De ‘Snelweg van Broederschap en Eenheid’ bestaat nog, maar kan nu volgens de schrijver beter de ‘Snelweg van Verscheurdheid en Verval’ worden genoemd.
Complexiteit
Zoals ik eerder vermeldde is het boek een regelrechte aanrader voor iedere lezer, en zeker niet alleen voor degene die slechts in de geschiedenis van deze landen is geïnteresseerd.
Het is een gebied waarin de complete geschiedenis van Europa zich onthult. In Sarajevo begon de twintigste eeuw met de aanslag op de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand in 1914, en eindigde daar ook met het beleg van de stad in de jaren negentig van de vorige eeuw. Beide wereldoorlogen, de Koude oorlog, racisme, etnische zuiveringen, extreemrechts nationalisme: dit alles heeft diepe sporen in de geschiedenis nagelaten, zoals blijkt uit de vele gesprekken die de schrijver met onder anderen Kroaten, Slovenen, Serven en Kosovaren heeft gevoerd. De mensen met wie hij spreekt hebben vrijwel allemaal grillige wortels, een mix van Kroatische, Hongaarse, Sloveense en Joodse. Duidelijk is dat ‘zuivere’ etniciteiten niet bestaan en ook nooit hebben bestaan. Dat laatste is ze vaak aangepraat door hun leiders die geen middel onbenut lieten om haat te zaaien tegen de ‘ander’. Zo hoorde De Boose uit de mond van een Kroatische familie in Vukovar dat ze tijdens een Servisch bombardement samen met hun Servische buren de schuilkelder in doken. Buiten hoorden ze zowel Kroatische als Servische soldaten roepen: “We komen jullie bevrijden”, waarop de buren elkaar verwonderd aankeken en zich afvroegen van wie ze nu eigenlijk bevrijd moesten worden.
Het is een veelzeggende anekdote over wat in oorlogen maar al te vaak gebeurt. De kloof tussen volk en leiders, waarbij leiders met een beroep op het volk een eigen machtspositie proberen op te bouwen. In een oorlog komt zowel het goede als het kwade in de mens naar voren. Tegenover degenen die hun leven riskeren om hun naasten te helpen, staan er die geen middel schuwen om hun doel te bereiken. Neem de beroemde foto van de Servische fotograaf Bojan Stojanovic waarmee hij de World Press Photo in 1993 won. Op de foto is een agent te zien die een Bosniak van dichtbij door het hoofd schiet. Wat bleek? De fotograaf had de agent 500 mark betaald om de man dood te schieten zodat hij er foto’s van kon maken. Kan een mens nog dieper zakken?
Conclusie
‘Joegoslavië’ is niet alleen een reisverslag, maar is tevens een degelijk wetenschappelijk werk, voorzien van een omvangrijk notenapparaat, historische tijdlijn en uitgebreide literatuurlijst. Maar laat u hierdoor niet afschrikken. Het werk leest als een roman waar de lezer helemaal in op kan gaan. Zoals gezegd een roman over een uitermate beladen onderwerp. De Boose: “Is Joegoslavië niet, als ik achteromkijk, een spiegel van alle kwesties waarmee Europa vandaag worstelt? Eenheid en vrede, extremisme en migratie, multiculturalisme versus nationalisme, solidariteit (broederschap) versus protectionisme, wapens versus dialoog? We zijn inmiddels weer een Europese oorlog verder, want er is een waanzinnige wet die stelt dat elke generatie haar eigen oorlog meemaakt (…) en die oorlog speelt zich af in een web dat steeds groter, globaler, gevoeliger wordt en waarin vrede samen met oude idealen als ‘broederschap en eenheid’ steeds cynischer begint te klinken. Hoe cynischer de geschiedenis wordt, hoe zorgzamer we moeten waken oer het humanisme.”
Albert Kort, historicus en docent, Vrije Gedachten, Zeeland, 27 februari 2026.
