Rien T. Segers | Taiwan, Het Nieuwe Geopolitieke Brandpunt
Rien T. Segers (Haarlem, 1947) is literatuurwetenschapper en hoogleraar bedrijfscultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij werkte enige jaren in de Verenigde Staten, China en Japan. Van 2000 tot 2012 was hij bijzonder hoogleraar “Cultuur en bedrijf, in het bijzonder bedrijfscultuur van organisaties in Japan en West-Europa”. Ook was hij directeur van het Center for Japanese Studies aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn eerste boek over literatuur verscheen in 1978, waarna nog een viertal boeken volgden over literatuur. In 1996 verscheen Sleutelboek Japan, waarna nog verschenen Energy in China (2007), A New Japan for the 21st. Century (2008), Japan en de onontkoombare Aziatisering van de wereld (2009), De onstuitbare opmars van Azie (2013) en De Lange Mars van Xi (2023).
Titel:
Subtitel:
Auteur :
Uitvoering :
Uitgever : EersteDruk: Pagina’s: Waarvan: Prijs :
Taiwan, Het Nieuwe Geopolitieke Brandpunt
Rien T. Segers
Paperback
Uitgeverij Balans 24 februari 2026. 224 pagina’s 11 pagina’s noten € 21,99
De meeste mensen weten wel iets over Taiwan, de oudere generatie nog onder de naam Formosa. Dat is dan vooral te danken aan de intimiderende grootschalige oefeningen van het Chinese leger, naar aanleiding van bezoeken van politiek leiders aan het land of naar aanleiding van door China onwelgevallige opmerkingen van de regering van dit land. Minder bekend is de leidende rol die het heeft op gebied van industrie en technologie, en nog minder de indrukwekkende vlucht die de democratie heeft genomen sinds de jaren negentig. Inmiddels is het een onmisbare schakel in de wereldeconomie, zoals RTS laat zien in dit fascinerende en hoogst actueel boek.
Claims op het (ei-)land
Zowel Rusland als China maken steeds meer claims op basis van hun interpretatie van de geschiedenis. Beide grootmachten hebben leiders die verlangen naar een groot Russisch, respectievelijk groot Chinees Rijk en steunen elkaar als gezamenlijke vijand van het (nog) dominante Westen. Waar de Volkenbond en de latere Verenigde Naties na de tweede wereldoorlog aan de basis staan van het internationaal recht en een lange periode van relatieve vrede, zetten deze landen de bijl aan de wortel van internationale instituten als de VN, het Internationaal Gerechtshof en Internationaal Strafhof. Met het aantreden van hun 47e president lijken de VS een soortgelijke manier van politiek bedrijven te volgen. Niet het einde van de tweede wereldoorlog is het nieuwe ijkpunt, maar een willekeurige gebeurtenis in de geschiedenis, die het meest lijkt aan te sluiten op het beoogde vals narratief dat deze landen ontwikkelen.
De oorspronkelijke bewoners zijn verschillende Austronesische stammen, niet verwant aan de Chinezen maar de Filipijnen en andere eilanden in de omgeving. Zowel de Portugezen, al in 1583 (Formosa) als de Nederlanders in 1624 (Fort Zeelandia) hadden er handelsposten. Ver voordat de ontwikkeling van de natiestaten een vlucht nam, werd het land, meestal deels, bezet door vreemde volkeren, waaronder China, maar van 1895 tot aan 1945 werd het bezet door Japan. Maar, het land doet net zo sterk denken aan Japan als China. Aan het eind van de oorlog werd het overgedragen aan China, maar al op 28 februari 1947 brak er een grote onrust uit. Onder leiding van de Chinese nationalisten, de Kuomintang van Chiang Kai-shek, werden de Chinese communisten van Mao Zedong verdreven en volgde een lange staat van beleg, die tot 1987 duurde, ook wel de periode van de Witte Terreur genoemd. In 1996 volgden de eerste presidentiële verkiezingen. De Volksrepubliek China (China) heeft zijn claim op het de Republiek China (Taiwan) nooit opgegeven. De druk om het eiland weer onder hun gezag te brengen is enorm.
Van agrarisch achter gebleven gebied naar wereldspeler voor geavanceerde chips.
RTS noemt de opkomst van dit (ei-)land terecht opzienbarend, niet alleen politiek-sociaal maar ook economisch. De eerste paragraaf van het eerste hoofdstuk heeft als kop Een van de rijkste en meest onmisbare landen ter wereld. Als je de indrukwekkende ontwikkeling sinds 1947 ziet, kan je niet anders concluderen dan dat het eiland leiders met visie heeft voortgebracht en een bevolking heeft die een ongekende inspanning heeft laten zien om zelfstandig een toekomst op te bouwen.
Anders dan Mao in China aan de andere kant van de Straat zette de Kuomintang wel positieve industriële en economische ontwikkelingen in gang. Landhervormingen, industrialisering geleid door de staat en een export-georiënteerd economisch model zorgden voor een snelle en betrekkelijk duurzame economische groei in Taiwan. Ook werden er grote infrastructurele projecten gerealiseerd: de aanleg van snelwegen, spoorlijnen, havens, vliegvelden en een kerncentrale. Aan het eind van de jaren zeventig was Taiwan een economische wereldspeler van formaat geworden. Samen met geleidelijk toenemende sociaal-politieke vrijheden, mede onder druk van de VS, waren dat tekenen van de latere democratische status van Taiwan en van de enorme economische en technologische ontwikkeling van het land. Deze alinea is een mooie weergave wat dit land in een onvoorstelbaar korte tijd heeft bereikt.
De trots van Taiwan is het technologiebedrijf TSMC (Taiwan Semiconductor Manufacturing Company) op het Hsinchu Science Park, 70 km ten zuidoosten van de hoofdstad Taipei. Dit park telt inmiddels 584 bedrijven en een kleine 180.000 werknemers. Het park is een biotoop van lanen, voetpaden, bomenrijen en veel ander groen, beekjes, vijvers, restaurants, coffeeshops, warenhuizen als ook 2 universiteiten. TSMC, opgericht in 1987, had in 2021 al meer dan 65.000 werknemers en produceert inmiddels 90% van ‘s werelds meest geavanceerde halfgeleiders. Het is de belangrijkste afnemer van onze nationale trots, ASML in Veldhoven goed voor een derde van haar omzet. Een andere bekende gigant is Foxconn, dat vooral bekend is van de productie voor het Amerikaanse Apple. Dit bedrijf heeft alleen al in China meer dan 1 miljoen werknemers. Taiwans halfgeleider industrie genereert een omzet van 147 miljard dollar per jaar, het overschot op de betalingsbalans bedroeg in 2025 100 miljard.
Taiwan is dan ook een grote investeerder in China. Sinds 2008 investeert het tussen de 15 en 40 miljard dollar per jaar in China. Sinds mei 2020 krijgen Taiwanese bedrijven dezelfde rechten als Chinese bedrijven, wat geen enkel ander land heeft. Maar vanaf 2025 zijn deze investeringen steeds verder terug- gelopen, door de oplopende politieke fricties tussen beide landen enerzijds en de toenemende innovatie en concurrentiekracht van de Chinese bedrijven. Lage lonen en productiekosten vormden de basis voor het exportsucces in de jaren zestig, zeventig en tachtig. Het relatief kleine procentueel verschil tussen de laagst en hoogst betaalden droeg bij aan het succes, wat een Aziatisch Principe is om de bedrijfscultuur hechter te maken. Een van de belangrijkste succesfactoren voor Taiwan was dat men zich er bewust van was dat kwaliteit een voorwaarde was om nieuwe markten te veroveren. In vergelijking met Japan en Zuid-Korea, kent Taiwan veel kleine bedrijven die goede producten maken, verdeeld over het hele land. De Kuomintang regering zette in op hoogstaande èn technologische vernieuwing.
De alsmaar toenemende druk van China en de te grote afhankelijkheid van Amerika leidde in september 2016 tot de New Southbound Policy initiatief, met het doel de samenwerking tussen tussen Taiwan en 18 landen in Zuid Oost Azië, Oost-Azië en Australië en Nieuw-Zeeland te versterken.
Het grote machtige China
Een sterk onderdeel van het boek is dat RTS uitgebreid aandacht besteed aan het Chinees perspectief van een mogelijke annexatie van wat zij zien als de afvallige provincie Taiwan. Qua leger en materiaal is een oorlog met China bij voorbaat een verloren zaak, maar andere factoren zouden een oorlog voor China een hachelijke zaak kunnen maken.
Allereerst is er de geografische verdedigingslinie. Taiwan is een eiland met smalle stranden, omdat bergketens vaak ver uitlopen op die stranden. Taiwan kent een centrale bergketen met zo’n tweehonderd bergtoppen van meer dan 3000 meter hoogte. Daardoor zijn er beperkte landingsmogelijkheden voor de Chinezen, met name aan de westkust tegenover de Chinese kust. Een grootschalige amfibische landing is complex, risicovol en stelt hoge eisen aan soldaten en materieel. Bovendien, in zee liggen honderden eilandjes waarop Taiwanese schutters met raketten verblijven, die elk passerend Chinees schip onder vuur kunnen nemen. Ook kan de Taiwanese lucht- en raketverdediging gebruik maken van veel strategische locaties. […] Sommigen op minder dan 50 kilometer van de kust […] De zeestraat is ook (red: op veel plaatsen) relatief ondiep: tussen de 4 en 7 meter. Slechts twee perioden zijn geschikt om met een grote armada de oversteek te wagen: van eind maart tot eind april en van eind september tot eind oktober.
De oorlog van Rusland tegen Oekraïne heeft het enorme belang van het moreel van de tegenstander laten zien. Hier kun je een parallel trekken tussen Oekraïne en Taiwan, waarbij Taiwan al een aanzienlijk hoger niveau van bewustzijn heeft bereikt, als Oekraïne voor de inval.
Aansluitend is een moeilijk te beantwoorden vraag hoe de Chinese bevolking zal reageren op een uit de hand lopend conflict met veel bloedvergieten. De Chinese overheid heeft al vaker te maken gehad met protesten, en zij kan er niet van uitgaan dat de bevolking niet in verzet kan komen. De onvrede onder de bevolking over de jeugdwerkloosheid, de status van de economie en de faillissementen van de grote bouwbedrijven vormt een van de belangrijkste redenen waarom president Xi nog niet heeft toegeslagen.
Ondertussen voert de Chinese overheid actief desinformatie en fake-news campagnes in Taiwan, ook wel aangeduid als de “cognitive warfare”, om de Taiwanese regering is diskrediet te brengen, zoals wij dat in Europa vooral ook kennen van de Russen.
“Ik hoop dat onze beslissingen bijdragen aan een veilige toekomst voor de komende generaties. In het besef dat ook niet-genomen beslissingen grote gevolgen kunnen hebben”.
Bovengenoemd citaat, van Stanisław Lem, de Poolse schrijver van o.a. Solaris, verfilmd door de Russische cineast Adrei Tarkosvsky (1992) en de Amerikaanse cineast Steven Soderbergh, vult de eerste pagina van het boek en reflecteert wellicht het best het huidige politieke klimaat. Niet alleen wat betreft Taiwan, een broeiend conflict, maar ook in zake veel bestaande grote conflicten, zoals de Rusland-Oekraïne oorlog en zgn. oorlog tegen terreur van Israël in Palestina en direct omliggende regio zoals de Westelijk Jordaanoever en het zuiden van Libanon.
De Vierde Optie
Ondanks het volledig gekantelde beleid van de Amerikanen, die hun bondgenoten steeds meer als hun vijanden zien en hun voormalige vijanden als voorbeeld, lijkt het er op dat Europa hoopt dat Amerika, in geval van een conflict Taiwan zal helpen verdedigen. Met betrekking tot de oorlog van Rusland tegen Oekraïne blijft het aanmodderen. Toenemende spanningen en de onvoorspelbaarheid van het Amerikaans beleid hebben nog niet geleid tot krachtige maatregelen. De angst om te verliezen is nog steeds groter dan de wil om te winnen.
In de epiloog laat RTS een mogelijk haalbare oplossing zien zonder geweld of bloedvergieten. Diplomatie die gepaard gaat met duidelijke maatregelen die laten zien dat wij de diplomatieke weg steunen, maar tegelijkertijd duidelijk maken dat geweld grote consequenties heeft, niet alleen voor ons, maar ook voor China zelf. De BRI-landen mogen dan wel de zijde van China hebben gekozen in economisch opzicht, maar ook zij zullen getroffen door een conflict. In december 2023 trok Italië zich terug uit het BRI!
Al in het eerste hoofdstuk meldt RTS dat de Amerikanen verwachten om in 2030 een fabriek operationeel te hebben die geavanceerde halfgeleiders te produceren. De TSMC-fabriek in Phoenix, Arizona is sinds 2025 operationeel, om te beginnen in productie van de categorie 4nm chip, vanaf 2027 voor 3 nm, om vanaf 2029 2nm chips te kunnen produceren
Onduidelijk is de status van de TSMC-fabriek te bouwen in Dresden, met als mogelijke aandeelhouders onder meer het Duitse Bosch en Infineon en het Nederlandse NXP, al groot in de auto-industrie. Sinds oktober 2024 komt er weinig nieuws naar buiten.
De wereld heeft altijd oorlog gekend en er zal altijd oorlog zijn, maar het is aan de mens om zich maximaal in te spannen een oorlog te voorkomen. Een heldere politiek met daadkrachtige maatregelen door Europa en de ASEAN-landen, aangevuld met Japan, Zuid-Korea, Australië en Nieuw- Zeeland liggen voor de hand en is voor alle betrokkenen van groot belang.
Oorlogen eindigen altijd aan de onderhandelingstafel, maar wellicht kan met maximale diplomatieke inspanning, een oorlog via diplomatieke wegen worden voorkomen. Je kunt de defensiebudget verhogen, met de verwaarlozing van de Europese defensie gedurende recente decennia noodzakelijk, maar daar hoort ook bij een versterking van de diplomatieke activiteiten.
Ik citeer historicus en expert op het gebeid van de Europese eenwording Jorrit Steehouder, in het VPRO-programma OVT, 22 maart 2026 11:00 over Jean Monnet: Wat we nu kunnen leren van Monnet is zijn functionele benadering, het richten op hele concrete vormen van internationale samenwerking, die haalbaar zijn, waar onderlinge solidariteit kan ontstaan wat dan weer een basis kan zijn voor een volgende stap, dus echt het bouwen van coalities, vertrouwen in internationale samenwerking, ik denk dat dat nog steeds ontzettend belangrijk is. Je ziet het ook in de coalitie van de “willing” voor Oekraïne.
Let wel: De situatie destijds zou zijn te vergelijken, als dat 5 jaar na een vredesbestand tussen Rusland en Oekraïne, beide landen een overeenkomst zouden sluiten over de productie van staal.
Het blijft onwerkelijk te zien dat de Amerikaanse president, die beweert dat China in de toekomst Amerika’s grootste vijand is, er in nauwelijks een jaar in is geslaagd zijn belangrijkste bondgenoten van zich te vervreemden.
“Diplomaten, politici, deskundigen en opiniemakers hebben allemaal een verantwoordelijkheid om de destabiliserende effecten van machtsverschuivingen in de hand te houden. Volgens mij begint diplomatie met nederigheid – op de eerste plaats ten aanzien van de ontwrichtende krachten van angst en afgunst. […] Nederigheid en gevoeligheid zijn geen garantie voor het bereiken van vrede. Maar zijn cruciaal om misrekeningen te voorkomen, argwaan weg te nemen en zo de kans op diplomatiek succes te optimaliseren.”
Jonathan Holslag, Vrede en Oorlog, Een Wereldgeschiedenis (2018), toevoeging VG.
Conclusie
Dit boek is verplichte kost voor een ieder die is geïnteresseerd in Azië, geopolitiek en/of economie. Maar het is minstens zo interessant voor Nederlanders en Europeanen. Taiwan kan juist nu een voorbeeld voor ons zijn. Een lange termijnvisie gepaard met een besef dat niets vanzelf komt of vanzelfsprekend is en waar mogelijk voorbereid zijn op agressie van buiten, daar kunnen wij wel een voorbeeld aan nemen.
Televisiekijkers die vanaf zondag 11 januari jl. de VPRO serie Ruben langs de Zuid-Chinese Zee hebben gezien mogen dit boek eigenlijk niet missen. Taiwan mag dan de grootste prioriteit van China zijn, andere landen in de regio hebben genoeg reden voor ongerustheid.
Frans Gzella, Vrije Gedachten, Zeeland, 23 maart 2026.
